Sociale huur voor vreemde vogels

De jassen van de onderzoeksgroep gierzwaluwen zijn niet voor niks van een opvallende kleur. “Dat was in 1993, toen we begonnen, nog niet nodig. Maar dit is een andere tijd. Als je nu voor een huis staat te posten, komt er iemand naar buiten die denkt dat je naar de slaapkamer van zijn dochter staat te loeren. Of op de uitkijk staat voor inbrekers.”

Hein Verkade van de Vereniging voor Natuur- en Vogelbescherming Noordwijk kan er wel om lachen. Samen met Jaap Eisenga, Jan Jacobs, Annelies Marijnis, Piet-Chris van Dijk en Ineke van Dijk treffen we hem voor het NWS-complex in aanbouw aan het Rederijkersplein. Hier nog geen argwanende bewoners die de groep vanachter de gordijnen in de gaten houden. De steigers zijn begin oktober nog niet helemaal van de gevels verdwenen en het afbouwen van de appartementen is nog in volle gang. Al wel helemaal klaar: de twaalf onderkomens voor gierzwaluwen die in de muren zijn gemetseld.

De relatie tussen de vereniging en de Noordwijkse Woningstichting is een langdurige. “Ons eerste project dateert uit 1998, bij het complex aan de Zandvoortsestraat. Daar zijn toen ook gierzwaluwstenen geplaatst. Later volgden er nog meer projecten, zoals bijvoorbeeld in de Piet Heinstraat.” De woningstichting plaatst in overleg met de vereniging niet alleen onderkomens voor gierzwaluwen, voor mussen worden er in de dakranden ook speciale vides aangelegd. Verkade: “Als wij ergens mogelijkheden zien, nemen we contact op. Maar bij de NWS zelf zit inmiddels ook de nodige expertise.”

Tijdrovend

De onderzoeksgroep gierzwaluwen telt – al 25 jaar lang - elke vijf jaar het aantal nestelplekken van de gierzwaluw in Noordwijk. “Dat is een hele tijdrovende klus”, vertelt Jaap Eisenga. “Een mus of boerenzwaluw vliegt om de paar minuten wel naar zijn nest, maar een gierzwaluw is veel onvoorspelbaarder. Die kan gerust een uur of anderhalf uur wegblijven. Hij is gek op de schemering en vliegt snel: dat maakt het ook lastig om hem te observeren. Hij komt met een rotgang op de muur af en knalt werkelijk naar binnen.”

Wie niet bekend is met het gedrag van de gierzwaluw, zal ze niet gauw vinden. Het diertje laat nauwelijks sporen na. Jan Jacobs: “Het is een schone vogel, die geen rotzooi uit zijn nest gooit. Ook in het nest kun je letterlijk van de vloer eten: de oude vogels eten de poepjes van de jongen op.” Gelukkig zijn de vogels ook trouw aan hun nestplaatsen en kunnen de vrijwilligers veel bekende plekken af. Een jaar voordat er geteld wordt, brengen ze ook nieuwe plekken in kaart.

“Er zijn in de loop der jaren veel natuurlijke nestplaatsen van de gierzwaluw verdwenen, onder meer door de sloop van oude schuren en stallen”, zegt Annelies Marijnis. “Daarom is het goed dat ontwikkelaars als de Noordwijkse Woningstichting meewerken aan het plaatsen van nestplaatsen in nieuwbouwprojecten. Uit onze tellingen blijkt dat daar goed gebruik van wordt gemaakt.”

Geen obstakels

De leden van de werkgroep maken nog een rondje rond het complex met de 40 zorggeschikte appartementen én de 12 ingemetselde gierzwaluwstenen in de noordwestelijke- en de noordelijke gevel. Aan welke technische eisen moet zo’n nestelplek voldoen? “Hij moet in elk geval overdag niet in de volle zon liggen anders loopt de temperatuur veel te hoog op. Verder moet de nestopening zodanig worden geplaatst dat de vogel er met hoge snelheid op kan aanvliegen; dus geen obstakels die dat belemmeren. De ovalen nestopening moet verder niet te groot zijn.”

Het eindoordeel van de werkgroep over het Rederijkersplein? “Alles is dik in orde.” Nu het oordeel van de vliegende huurders nog afwachten.

 

 

Noordwijks onderzoek uniek voor Europa

Het nauwkeurige onderzoek van de Noordwijkse vogelwerkgroep is uniek voor Nederland en misschien wel voor Europa, durft Hein Verkade te zeggen. “Wij kennen hier 95 procent van de nestplaatsen en hebben zo een goed zicht op de ontwikkeling van de populatie. De vogels zitten behoorlijk over het dorp verspreid: in Noordwijk Binnen zo’n 150 tot 170 broedparen, in Noordwijk aan Zee zo’n 110 tot 120. De populatie is behoorlijk stabiel.”

De gierzwaluw is een van oorsprong Afrikaanse soort, die er – ergens in de evolutie – achter is gekomen dat hier in Europa in mei, juni en juli veel voedsel is te vinden. Daar hebben ze de lange reis voor over. Het is een ondernemende vogel, met als fascinerende eigenschap dat hij nooit aan de grond komt. Eten, drinken, slapen, het gebeurt allemaal tijdens de vlucht. Alleen tijdens de broedperiode zitten ze weleens stil. Afhankelijk van het weer op de trekroute, komen ze in het voorjaar in ‘golven’ deze kant op. Ineke van Dijk van de werkgroep: “Meestal zijn het de oudere vogels die hier in april en mei neerstrijken. De nieuwelingen volgen wat later.”

De gierzwaluw leeft van alle mogelijke soorten insecten: mugjes, vliegjes, luisjes, spinnetjes, noem maar op. “We hebben weleens uitgerekend dat er in Noordwijk alleen al in het seizoen dat de gierzwaluw hier is, zo’n kwart miljard insecten worden weggevangen.”

 

4. 5. Gierzwaluw02

De leden van de onderzoekswerkgroep gierzwaluwen bij het complex Rederijkersplein.

4. 5. Gierzwaluw03

De gierzwaluwstenen zijn hier nog afgedekt, om ze tijdens de bouwperiode schoon te houden. Daarna is het vrij in- en uitvliegen.

 

 

 

 

Gepubliceerd: